Samen wonen begint bij samen doen

Wie Hans van Bragt spreekt, hoort al snel dat hij een pionier is. Niet alleen in zijn werk als ICT’er en data scientist, maar ook in hoe hij al sinds de beginjaren betrokken is bij Almere. Hij kwam eind jaren ’70 naar Almere Haven, toen er nog weinig was en bewoners vooral zelf moesten organiseren wat ze nodig hadden. “Als je iets wilde, dan moest je het zelf opzetten,” vertelt hij. “Van een sportvereniging tot een bewonerscommissie.” Die mentaliteit vormt nog steeds de basis van zijn betrokkenheid bij Hans van Bragt’s huidige project: wooncoöperatie De BinnenHaven.

Van idee naar wooncoöperatie

Inmiddels is Hans van Bragt secretaris van de wooncoöperatie. Het initiatief ontstond acht jaar geleden, toen een innovatief woonconcept werd gepresenteerd in Almere. Wat begon als interesse, groeide uit tot een grootschalig project waarin bewoners zelf het initiatief nemen tot bouwen en wonen. 

Gezamenlijk proces

Een wooncoöperatie is volgens hem vooral een gezamenlijk proces. Bewoners werken samen aan het plan, organiseren zich in werkgroepen en bepalen hoe ze met elkaar willen samenleven. “Een van de eerste dingen die we hebben gedaan, is een sociaal bestek maken. Daarin beschrijven we hoe mensen met elkaar omgaan en wat ze voor elkaar betekenen.”

Het resultaat? Een plan voor 101 huurwoningen, bedoeld voor verschillende doelgroepen, van jongeren tot ouderen en ook mensen met een zorgvraag. Er komt zelfs een buurthub en een ‘vriendenhuis’ voor 12 jongeren met een beperking.

Samenbouwen aan leefbaarheid

Wat het project bijzonder maakt, is de sterke focus op gemeenschap. Het gaat niet alleen om woningen, maar om een manier van samenleven. “In een wooncoöperatie draait het om betrokkenheid,” legt Hans van Bragt uit. “Mensen denken na over wat ze zelf kunnen bijdragen. Dat kan kennis zijn, tijd of initiatief.” Die betrokkenheid zie je al voordat de eerste steen is gelegd. Leden organiseren activiteiten, ontmoeten elkaar en zetten zich in voor de buurt. Zo ontstaat er stap voor stap een gemeenschap, nog vóór de woningen er staan.

Leren door te doen

De weg naar realisatie is niet zonder uitdagingen. Omdat wooncoöperaties relatief nieuw zijn, moesten zowel initiatiefnemers als de gemeente leren hoe ze hiermee omgaan. “We hebben samen met de gemeente beleid ontwikkeld,” vertelt hij. “Dat kost tijd, maar zorgt er ook voor dat toekomstige projecten sneller kunnen.” Inmiddels is er vooruitgang. Het ontwikkelplan is goedgekeurd, financiering komt op gang en de coöperatie behoort tot de eerste in Nederland die een officiële certificering heeft ontvangen van Cooplink.

Kansen voor Flevoland

Volgens Hans van Bragt liggen er grote kansen voor Flevoland. Wooncoöperaties kunnen bijdragen aan meerdere opgaven tegelijk: betaalbaar wonen, zorg, duurzaamheid en sociale samenhang. “Het is geen los idee,” zegt hij. “Het raakt alles waar beleidsmakers mee bezig zijn: wonen, zorg, veiligheid en duurzaamheid.”

Hij pleit daarom voor meer ondersteuning, bijvoorbeeld via financiering en beleid. In steden als Amsterdam is dat al geregeld en dat versnelt de ontwikkeling aanzienlijk. Daarnaast ziet hij kansen in duurzame bouw, zoals biobased materialen uit de regio. Daarmee kan woningbouw ook bijdragen aan de lokale economie en landbouw.

De toekomst van wonen

Hoe ziet een ideale leefomgeving eruit? Voor Hans van Bragt is dat een plek waar mensen elkaar kennen, ondersteunen en samen activiteiten ondernemen. “Je moet wel het gevoel hebben dat je erbij hoort en mee kunt doen.” Dit vraagt wel een goede organisatie met heldere afspraken voor de leden. Van gezamenlijke activiteiten tot gedeelde voorzieningen: het zijn juist deze elementen die volgens hem het verschil maken tussen wonen en samenleven. Zijn belangrijkste boodschap is dan ook simpel: “Je moet het samen doen. Als dat er niet is, werkt een wooncoöperatie niet.”